Lees meer over deze speciale editie van Optimist Magazine 'Wij zijn het beleid'.
Wist je dat in Den Haag wekelijks zeventig burgers samen vijf- tot zeshonderd biologische groentepakketten klaarmaken via Stichting Lekkernassûh? Of dat in Serooskerke bewoners van De Woongaard zelf een circulaire wijk bouwden met 25 woningen van hout, leem en stro? En dat er duizenden vergelijkbare initiatieven zijn verspreid over het hele land?
Het aantal burgercollectieven in Nederland groeit als kool. Van zorgcollectieven en energiecoöperaties tot collectieve moestuinen en woongemeenschappen. Via collectieven nemen burgers verantwoordelijkheid voor hun omgeving. Op die manier dragen zij bij aan de maatschappelijke transities die hoognodig zijn bij grote uitdagingen als klimaatverandering, de wooncrisis en de toenemende zorgvraag. Deze initiatieven zijn vaak klein en lokaal, maar samen vormen ze een krachtige bottom-up beweging met een grote, landelijke impact.
Toch worden ze nog vaak geremd. Omdat burgercollectieven buiten de kaders van overheid en markt vallen, lopen ze tegen obstakels aan, zoals moeizame financiering. Botsende logica’s en een gebrek aan kennis over burgercollectieven kunnen ertoe leiden dat initiatiefnemers vastlopen en hun activiteiten moeten staken. Zonde, want juist burgercollectieven kunnen een sleutelrol spelen bij die grote maatschappelijke uitdagingen.
Het is daarom hard nodig dat collectieven in contact komen met elkaar, beleidsmakers, wetenschappers, financiers en netwerkorganisaties. Vanuit onze rol als communitybuilders spreken wij dagelijks met burgercollectieven, groot en klein. We horen regelmatig vergelijkbare vraagstukken voorbijkomen, maar zien tegelijk dat kennisuitwisseling nog niet optimaal is en dat kansen voor samenwerking met andere collectieven onbenut blijven.
Om die kansen te vergroten moet onder andere de dialoog worden versterkt tussen lokale initiatieven en publieke organisaties, zoals gemeenten. Initiatiefnemers hebben handvatten nodig om hun weg te vinden naar het gemeentehuis, terwijl ambtenaren moeten ontdekken hoe ze de kracht van burgercollectieven kunnen herkennen en ondersteunen. Alleen zo raken de vele losse eilandjes van collectieven steeds meer met elkaar én met hun omgeving verbonden. We roepen alle collectieven en betrokkenen op om hun eilandje te verlaten en aan te sluiten bij ons kennisplatform, CollectieveKracht.
Het platform maakt de beweging zichtbaar via een kaart, en met de Burgercollectieven-monitor. Deze publicatie werpt licht op de trends, ontwikkelingen en uitdagingen waar burgercollectieven nu mee te maken hebben. Zo versterkt de monitor de collectieve kracht van burgercollectieven. Tegelijkertijd maakt CollectieveKracht wetenschappelijke inzichten toegankelijk via bijeenkomsten, infographics en video’s. Daarmee slaan we bruggen tussen werelden die elkaar hard nodig hebben. Hoe meer collectieven, wetenschappers, ambtenaren, en andere betrokkenen meedoen, hoe beter we de grote uitdagingen van deze tijd bottom-up en collectief aan kunnen pakken.
En ondertussen zullen we bruggen blijven bouwen, tot er geen sprake meer is van versnipperde eilandjes, maar burgercollectieven vaste grond onder de voeten hebben.
Mickey Steijaert en Brechtje Polman